•  
  •  

Open brief aan de redactie van De Standaard

Jaarlijks houdt het Studiecentrum Joris van Severen – vzw, een studiegroep rond de figuur van Joris van Severen, een colloquium waarop lezingen en voordrachten worden gegeven waarin wordt ingegaan op de plaats van de Verdinaso-leider binnen het Europese perspectief van de tussenoorlogse jaren. De laatste editie ging door op 25 oktober 2014 in het Ontmoetingscentrum De Baliekouter in Van Severens geboortedorp Wakken. Naar aanleiding van dit gebeuren, en de toelating van het stadsbestuur van Dentergem, verschenen in tal van kranten artikels van een bedenkelijk journalistiek niveau tegenover dit initiatief. Als reactie hierop richtte Vik Eggermont, voorzitter van het studiecentrum, zich in een open brief tot de redactie van De Standaard.
Met toestemming van de de heer Eggermont wilden we deze open brief hieronder integraal overnemen. In de brief wordt op bondige wijze ingegaan op een aantal misvattingen die tegenwoordig nog steeds worden levendig gehouden dankzij ongenuanceerde beeldvorming.

Geachte Redactie,

De jongste dagen (wij schrijven dit op 26 oktober wel te verstaan) werd naar het Studiecentrum Joris van Severen, waarvan ik de voorzitter ben, van meerdere kanten met modder gegooid. Weliswaar niet direct naar ons, wel naar de burgemeester van Dentergem, de heer Koen Degroote, toevallig lid van… N-VA. Maar WIJ vingen wel de spatten van die modder op! Van Franstalige zijde kan ik dit nog enigszins begrijpen, het past volledig in hun tactiek van oppositie voeren, zo is partijpolitiek nu eenmaal. Maar dat ook de De Standaard hieraan meehelpt gaat voor mij alle grenzen te buiten.

Vooraf: wij wilden ons colloquium graag in Wakken (deelgemeente van Dentergem) houden Voor wie enigszins op hoogte is weet dat Wakken het geboortedorp van Joris van Severen is. Vandaar… Als Studiecentrum vroegen wij dan ook de toelating om het nieuwe Ontmoetingscentrum ”De Baliekouter” in die gemeente te mogen gebruiken. Wat ons met veel genoegen door de heer Degroote toegezegd werd, zelfs met de toezegging dat hij graag het welkomstwoord zou houden en achteraf een glaasje zou aanbieden. Het was immers de allereerste “festiviteit” die daar zou plaats vinden. U zult mij natuurlijk niet geloven, maar tot voor kort wist ik niet eens dat wij hier te doen hadden met een N-VA-burgemeester. Tot welke partij hij overigens zou behoren, het zou mij worst wezen. Ook aan een andere burgemeester zouden wij de toelating hebben gevraagd. Wij hebben geen politieke ambities, zijn niet partijgebonden en ons enig doel is een studiegroep te zijn rondom de figuur van Van Severen en het tijdvak waarin hij leefde. Wat is daar verkeerd aan?

Maar ter zake. Wat ons stoort is dat wij in de haatcampagne die daarop in de pers losbarstte – Le Soir voorop, maar braaf gevolgd door De Standaard, de Gazet van Antwerpen, Le Vif en RTB, en mogelijk vergeet ik nog wel iemand – voorgesteld werden als een (gelukkig ongevaarlijke) groep ”fascisten”.

Fascisten, oef het woord is er uit! Welnu wij loochenen niet dat de jonge, en geestelijk dus nog niet rijpe, Van Severen een tijd lang een zekere sympathie voor het fascisme gekoesterd heeft. Zoals zovele tijdgenoten. Moesten wij een lijst opstellen van Belgische politici die een mooie carrière in het systeem gemaakt hebben en die in zijn geval verkeerden, die lijst zou behoorlijk lang zijn. Maar Van Severen heeft daar evenwel afstand van genomen. Van hem zijn immers de woorden:

“Geen Duitse orde, geen Italiaanse orde, maar een Dietse orde, aangepast aan ons wezen.”

En nog later:

Fascisme is de primauteit van de staat,
Nationaal-socialisme is de primauteit van het ras
Nationaal-solidarisme is de primauteit van de persoon.

Kan het duidelijker?

Overigens Van Severen had, na 1933, sinds de afkondiging van zijn “nieuwe Bourgondische marsrichting” nauwe contacten met de socialist P.H. Spaak. Was die dan misschien ook een fascist? En hij had heel wat relaties in de Belgische adellijke kringen. Waren al die baronnen, graven en wat nog al, ook misschien allemaal fascisten?

Wij ontkennen niet dat zijn beweging uiterlijk “fascistische” kenmerken vertoonde. U weet: laarzen, martiale optochten, uniformen, etc… Maar dat was nu eenmaal de stijl van het interbellum. In mijn straat waar – ik als kind woonde, in het “rode” Deurne bij Antwerpen, zag ik elke week de “Rode Valken” stappen. Ook zij liepen in gelid, met benagelde schoenen, zongen hun liederen en – toppunt – hun leiders droegen een stormriem.

En u hebt misschien – of was u daar te jong voor? – ook wel die foto’s gezien van de inhuldiging in 1930 van het standbeeld voor Guido Gezelle in Brugge. Daar staan heel wat groepen op, o.a. ook die van een groep Kajotters, u weet wel: die brave Kajotters van Kardinaal Cardyn. Die brachten ook een groet. U mag raden dewelke, maar niet méér dan twee keer hoor.

En nog zo iets. Toen in 1917 in Rusland de Oktober Revolutie uitbrak, sijpelden de berichten daarover sporadisch en misschien wel enigszins hervormd door tot aan het IJzerfront. Ook Van Severen heeft daar naar uitgekeken, zij het al niet met sympathie, dan toch met een onverholen welwillende belangstelling. Zou vanuit het verre Rusland misschien de redding uit de frontsmeerlapperij komen? Moeten wij dan soms ook niet spreken over “de communist Van Severen”?

Maar laten wij ons verhaal voortzetten (het arsenaal aan argumenten anti-Van Severen schijnt wel onuitputtelijk!): zijn antisemitisme. Ook hier de waarheid boven alles. Het valt niet te loochenen dat er tot het Verdinaso een aantal antisemieten behoorden en dat die meer dan ons lief is hun stem wel eens lieten horen. Maar mag ik er, primo: de aandacht op vestigen dat in de tijd dat dit antisemitisme in (onmenselijke) feiten kon omgezet worden, die lieden al lang het Verdinaso verlaten hadden om in andere kringen hun Jodenhaat te gaan botvieren? En secundo: tijdens het interbellum hebben tienduizenden Joden uit Oost-Europa en Duitsland hun land verlaten en hier hun toevlucht gezocht. Maar erg welkom waren ze hier niet hoor, zeker niet in middenstandskringen. Dat zult u niet weten, want: toen nog niet eens geboren. Duitse Joden mochten het land verlaten mits betaling van een flinke uitreissom, maar in Engeland mochten zij niet binnen tenzij zij een…. inkomsom betaalden. De pot verwijt dus de ketel dat hij zwart ziet! Op dit vlak, wij verzekeren het u, hebben alle democratische staten, of die zich zo noemden, boter op het hoofd.

U hebt echt uw best gedaan om met modder naar ons te gooien. Jammer genoeg was er één die u met lengten geklopt heeft, n.l. de RTB. Die beweerde botweg dat Van Severen was aangehouden voor zijn antisemitisme en dat Léon Degrelle… zijn secretaris was! Hebt u ook die homerische lach gehoord in Vlaanderen? Hoe komt men er bij? Ik beklaag mijn Franstalige landgenoten die het met dergelijke “voorlichting” moeten stellen.

Overigens zijn er aan die aanhouding nog wel enkele duistere kantjes. Van Severen werd op de lijst van verdachten gezet door De Foy, hoofd van de Staatsveiligheid. Nu blijkt al enkele jaren dat diezelfde De Foy – niet vergeten: hoofd van de Staatsveiligheid – de hand boven het hoofd werd gehouden door de Duitsers, Himmler in hoogsteigen persoon, “wegens verleende diensten in het verleden”. Mogen wij weten om welke diensten het hier ging? Vooral als daar nog bij komt dat het De Foy was die aan de bezetter de lijsten van de Belgische Joden bezorgde. Zijn naam prijkte in Jeruzalem op een monument waarop de namen staan van talrijke “beschermers van de Joden tijdens de holocaust”. Sinds enkele jaren werd zijn naam daar verwijderd. Waarom zou dat zijn?

En om met een jolige noot te besluiten.

De foto die u in uw nummer van dit weekeinde (25/26 okt.) publiceerde met als onderschrift: “de militie van het Verbond van Dietsche Nationaal Solidaristen met gebalde vuisten op de 1 mei viering in 1939 in Brussel” zijn helemaal… geen dinaso’s! Het zijn leden van de linkse USAF-militie. Die “gebalde vuist” had u toch wantrouwig moeten maken.

Geachte redactie, ik ben niet zo naïef te geloven dat u mijn tekst gaat opnemen. Maar alleszins zou het een bewijs zijn van intellectuele eerlijkheid en journalistieke fair-play.

Hoogachtend.

Vik Eggermont
Voorzitter van het Studiecentrum Joris van Severen”.

Leave a Reply