•  
  •  

‘La cohue de 1940’ (Léon Degrelle, 1949)

In 1949 verscheen bij de Zwitserse uitgeverij Robert Crausaz in Lausanne Degrelles boek La cohue de 1940, dat veel gelijkenis toont met het boek Les décombres van Lucien Rebatet uit 1942. Het verschijnen van het boek zorgde voor de nodige ophef. Op aandringen van de Belgische regering werd een groot deel van de oplage door de Zwitserse politie vernietigd. Het boek bevat Degrelles relaas van de zomermaanden van 1940. De boodschap is duidelijk: alle Belgen waren toen bereid om met de bezetter samen te werken. Alleen de rexisten keken de kat uit de boom omdat ze op Degrelle, die in gevangenschap vertoefde, dienden te wachten. De Rex-leider zelf wachtte op de toestemming van Leopold III. La cohue de 1940 is Degrelle op en top. Zelfbewust wekt hij de indruk kind aan huis geweest te zijn bij Hitler, Mussolini en Franco. Met zijn onstuimige pen maakte Degrelle karikaturen van alle prominenten uit die tijd. Leopold III stelt hij voor als een overspannen twijfelaar die voortdurend op de rand van een zenuwinzinking staat. Alleen Hendrik De Man vindt in zijn ogen enige genade. Voor wie zich in de denkwereld van le chef wil inleven, vormt La cohue de 1940 boeiende lectuur. Een Nederlandstalige editie van het boek ligt niet voorhanden.
Uit: Le beau Léon door Pieter Jan Verstraete, uitgegeven bij Uitgeverij Aspect (Soesterberg, Nederland).

Fragment: tijdens een debat haalt Jean Vermeire, oud-officier van het Waals Legioen, Léon Degrelles werk ‘La cohue de 1940’ aan (vanaf 13’20”) om te schetsen hoe de collaboratie na de Belgische en Franse capitulatie tot stand kon komen.

 

DSC01643

‘La cohue de 1940’ (Léon Degrelle, 1949)

Leave a Reply