•  
  •  
  • Home
  • /Papier
  • /Attest van de eed op Adolf Hitler, afgelegd door lid van de Vlaamse Wachtbrigade

Attest van de eed op Adolf Hitler, afgelegd door lid van de Vlaamse Wachtbrigade

De Vlaamse Wachtbrigade ontstond uit de (Vlaamse) Fabriekswacht, een in april 1941 door Christian Turksin opgerichte eenheid die met de bewaking van vliegvelden en fabrieken in dienst van het Luftgaukommando was belast. Aanvankelijk werden de leden vooral uit de Dietse Militie/Zwarte Brigade (DM/ZB) – de militie van de Eenheidsbeweging-VNV – gerekruteerd, en stond Turksin met zijn formatie ook ideologisch het dichts bij het VNV wanneer we ze analyseren met betrekking tot de tweestrijd ‘VNV versus Algemene SS-Vlaanderen’ (en later bijkomende de DeVlag).
Begin 1943 werd de Vlaamse Fabriekswacht, zij het voor een korte periode, eveneens organisatorisch met het VNV verstrengeld, door ze onder de kortstondige benaming Dietse Militie/Wachtbrigade (DM/WB) deel te laten uitmaken van het militie-apparaat van de Eenheidsbeweging. Deze reorganisatie kan echter eerder worden beschouwd als een administratieve maatregel teneinde de getalsterkte van alle militanten in geüniformeerde dienst bij de Vlaamse Fabriekswacht in tellingen nog steeds als VNV-militant te kunnen laten gelden. In juni 1943 werd de formatie onder de benaming Vlaamse Wachtbrigade echter toch dichter bij haar broodheer, de Luftwaffe, aangesloten. Op dat moment telde de paramilitaire groepering zo’n 3600 manschappen, die in drie bataljons van elk vier compagnieën waren ingedeeld.

Op 2 juli 1944 werd de Vlaamse Wachtbrigade op Hitler beëdigd. Omstreeks een week daarop werd dit eveneens onder schriftelijke vorm geattesteerd, zoals hieronder geïllustreerd. Net zoals in andere paramilitaire organisaties, zoals de Vlaamse Wacht, dienen deze eedafleggingen kort na de landing in Normandië te worden beschouwd in het kader van de Schütz der Angehörigen der Erneuerungsbewegungen, waarbij de leden van niet-Duitse paramilitaire milities werden opgenomen als Wehrmachtsangehörige. Er bestond immers een vrees dat de geallieerden deze formaties niet als reguliere troepen zouden beschouwen, en in geval van gewapende confrontaties de geldende oorlogsconventies niet zouden naleven. Bijgevolg kregen de Vlaamse leden van deze formaties dezelfde rechten en plichten als de Duitse soldaten van de Wehrmacht, en vielen ze in geval van gepleegde misdrijven onder Duitse militaire krijgsraden en -gerechten. Vervolgens werd de Vlaamse Wachtbrigade een laatste keer herdoopt in Flämische Flakbrigade, en werd ze een onderdeel van de Luftwaffe. Het personeel ruilde de zwarte uniformen voor Luftwaffe blaugrau.

In september 1944 werd naar Duitsland uitgeweken, waar Turksin weigerde zijn Flakbrigade naar de Waffen-SS te laten overgaan. Hij stelde zich met zijn formatie onder de leiding van het Luftgaukommando XIV te Wiesbaden. In februari-maart 1945 was de Flakbrigade nog betrokken bij de verdediging van de Rijn.

Attest van de eed op Adolf Hitler, afgelegd door G .De Bruyne op 9 juli 1944.

Leave a Reply